Hoe ontwerp je (niet) je eigen Notitieboek Hoes

Hoe ontwerp je (niet) je eigen Notitieboek Hoes

Het is weer zover… Of nou ja, dat ligt eraan in welke plaats in Nederland je woont, maar de
scholen zijn weer aan het beginnen. En dus bedacht ik me bij het inplannen van de blogs
voor de Breiclub dat ik wel een hoes kon breien voor een notitieboek. Of nou ja…?

Beginnen
Ik begon enthousiast met een aantal kleuren Yarn and Colors Charming die ik nog beneden
had liggen van de deken voor mijn zoontje. Lekker vrolijk, een leuke regenboog van restjes.
Ik zocht een fijn notitieboek uit dat al goed gebruikt is maar ook nog heel veel mooie witte
pagina’s heeft. Wel met harde kaft, want dat lijkt me makkelijker dan als de kaft meebuigt
met de hoes. En toen begon ik. Doe gerust mee, want eigenlijk moest dit dus een patroon
worden…

Opzetten
Ik zette een aantal steken op de naald. Ik gebruikte een 4mm ChiaoGoo rondbreinaald, maar
dit kan natuurlijk ook met rechte naalden, en het kan met dikkere of dunnere wol, en dus
ook dikkere of dunnere breinaalden. Ik hield de steken telkens tegen de kaft van het boekje
aan om te kijken of ik er meer of juist minder moest opzetten.
Eigenlijk schatte ik in dat ik iets minder steken moest opzetten dan de kaft breed was,
omdat in theorie breiwerk heel erg rekbaar is. Of dat een goed idee was… Daar kom ik zo.

Krullende Randjes
Breiwerk wil aan de randjes nogal krullen, dus allereerst breide ik 3 toeren recht. Daarna
breide ik om de toer recht en averecht, met aan beide zijkanten 3 steken recht. Op deze
manier zorg je dat je een randje hebt die niet snel zal krullen, wat het een stuk makkelijker
maakt om de hoes mooi om je boekje te krijgen.

Flapjes
Tot zo ver geen problemen. Toen ik 5 cm gebreid had vond ik het wel tijd om aan de echte
omslag te beginnen. Dit is even wat ingewikkelder, maar ik heb foto’s gemaakt, dus hopelijk
blijft het te doen! het idee is om de hele hoes in één keer te breien, zonder te moeten
naaien. Maar is dit te ingewikkeld? Brei dan gewoon een lange, rechte lap, 10 cm langer dan
de kaft is. Dan kan je aan het einde de flapjes om de omslag naaien.
Ikzelf deed dit breiend door aan het begin van elke toer in de zijkant tussen twee
‘bobbeltjes’ een steek op te pakken, en deze samen te breien met de eerste steek op de
naald. Dit deed ik tot het lapje van 5cm helemaal aan de net gebreide zijkanten vast zat.
Op deze manier krijg je een mooie flap waarmee je de hoes om je notitieboekje kan
vastzetten.

Breien, breien, breien… (Of eh…)
Nu wordt het een heel stuk lekker makkelijk breien. Dacht ik. Je kan nu in principe gewoon
lekker de tricot steek breien, met aan de kanten de 3 kantsteken, tot je de hele kaft kan
bedekken met je lap. Simpel toch?
Eh nou, kijk maar…


Zoals je ziet bleef ik de hoes telkens op de kaft passen. En toen kwam ik er achter dat het
‘rekbare’ eigenlijk niet zo mooi was… De hoes bleek veel te klein voor de kaft, waardoor het
bij de flap erg uit elkaar getrokken werd, en naarmate de lap langer werd er steeds meer
‘kaft’ te zien was aan de zijkantjes.
Oeps.

Proeflapje
Dus wat deed ik? Ik pakte er gauw mijn stekenmeter bij, om te kijken wat mijn
stekenverhouding was. Zo kon ik zien hoeveel steken ik nou eigenlijk echt nodig had voor
mijn kaft, zodat ik niet nóg een keer opnieuw zou moeten beginnen.
Eigenlijk is het niet zo moeilijk om een proeflapje te gebruiken om te weten hoeveel steken
je nodig hebt. Mijn probleem is gewoon dat ik niet zo’n zin heb om eerst een vrij flinke
proeflap te moeten breien waar ik vervolgens niks mee kan. Ik besteed mijn tijd liever aan
het breien van dingen die ik wel kan gebruiken. Want tja, ik heb een tweeling van 8
maanden, en dan is elk moment dat je kan breien kostbaar.

Het kan dus handig zijn om toch die stekenverhouding te meten met een proeflapje. Want
het kan best dat je breiwerk in één keer goed lukt, maar als dat niet zo is mag je alsnog
opnieuw beginnen. Bij zo’n kleine hoes is dat niet zo erg, maar op het internet staat het vol
voorbeelden van veel te grote truien (nu soepjurk) of veel te kleine items die je nog niet
eens bij een baby aan kan doen.

Stekenverhouding
Dus als je dan al een flinke lap hebt die je niet kan gebruiken, dan kan je hem meteen
gebruiken voor de stekenverhouding. Ik gebruikte een kleine stekenmeter van maar 5 cm,
maar eigenlijk raden ze er zelfs één van 10 cm aan. Die heb ik ook, maar die ligt helemaal op
zolder, dus dan maar deze.
Je telt nu hoeveel steken je in 5 cm breedte (en eigenlijk ook hoogte, maar dat is hier niet
relevant) je hebt. Vervolgens maak je een rekensommetje.

Als je kaft x cm hoog is (zie foto), dan kan je nu dus uitrekenen hoeveel steken je echt nodig
hebt voor je project. In mijn geval: mijn kaft is 21cm hoog. Ik brei 9 steken per 5cm. Dan is
het sommetje:
21 (hoogte) x 9 (steken) / 5 (stekenverhouding) = 37.8 steken. Dan zet je dus 38 steken op.
Toegegeven, ik heb het nu even van de foto uitgerekend, maar ik heb in mijn notities staan
dat ik eigenlijk in het echt op 9.5 steken uitkwam per 5 cm, en dus heb ik 39 steken opgezet
uiteindelijk.

Breien, breien, breien (nu wel?)
Nu je eindelijk echt de juiste aantallen hebt kan je wel lekker door breien. Het is eigenlijk
best simpel, als je het eenmaal door hebt. Het lastigste gedeelte hebben we nu gedaan. De
steken aantallen en vervolgens de flapjes.
Ik koos ervoor om van elke kleur 16 rijen te breien, en kwam uiteindelijk nét niet uit met
mijn kleuren. Ach, wie ziet dat nou, toch?

De laatste flap
Als je je lapje om de voorkant doet met de flap, en dan breit tot je helemaal om de kaft
komt, tot het randje van de achterste kaft, is het tijd om de tweede flap te breien. Dit doe je
weer precies hetzelfde als bij de eerste flap, in totaal 5cm.
Maak het af door nog eens 3 toeren recht te breien, en kant dan af op jouw favoriete wijze.
Ik deed dit lekker simpel, zoals ik het vroeger van mijn oma had geleerd.
Et voilà, ziehier, een notitieboek hoes!

Draadjes
Juist, die draadjes wegwerken, als je dat wilt. Ik had er geen zin in, dus ik heb ze onder de
hoes gestopt. Niet verder vertellen! Je kan de hoes met textiellijm aan je kaft lijmen, dan
blijft het mooier zitten.
Zoals je kan zien heb ik nog wel een beetje last van randjes die te zien zijn naast de hoes,
omdat het breiwerk toch een klein beetje opkrult. Maar dit is makkelijk recht te trekken, en
als ik binnenkort (over een week of 10 ofzo) zin heb om de textiellijm te zoeken zal ik het
netjes vastlijmen zodat het gewoon mooi blijft zitten.

Foto’s
Voor deze blog moest ik ook nog foto’s maken, maar mijn tweeling is inmiddels zeer mobiel,
en ik had de fout gemaakt om het vloerkleed als achtergrond te gebruiken bij de rest van de
foto’s, dus dat moest nu ook. Toen vond ik dat wel makkelijk, dan kon ik even gauw een foto
maken zonder dat ik eerst het halve huis overhoop moest zetten voor een mooie
achtergrond.

Nu… Nou ja, ze zijn heel gezellig geworden, toch? Sarah vindt mijn hoes in ieder geval heel
mooi geslaagd!

En jij? Hoe gauw pak jij je restjes voor je eigen hoes? Het gaat vast sneller dan bij mij…
Knipoog

Patroon zonder alle poespas
Oké, oké, voor jullie dan. Het echte patroon. Zie de rest van de blog voor de detailfoto’s.
1. Brei een proeflapje van minstens 10x10cm. Liefst iets groter.
2. Meet je stekenverhouding en de hoogte van je kaft. Reken uit hoeveel steken je
nodig hebt. (zie rekensommetje in blog)
3. Zet genoeg steken op voor de hoogte van je kaft.
4. Brei 3 naalden recht.
5. Brei nu 1 naald recht, 1 naald averecht, met aan beide kanten 3 rechte kantsteken.
6. Bij een hoogte van 5cm, pak bij het begin van elke toer een steek op aan de zijkant
van het al gebreide werk, tussen de twee bobbels van twee toeren.
7. Brei de opgepakte steek samen met de eerste steek van de toer. Herhaal tot er geen
steken over zijn aan de zijkant van de flap.
8. Brei de lap nu net zo lang in tricot met 3 kantsteken aan beide kanten, tot de lap lang
genoeg is om over de hele kaft gespannen te worden.
9. Herhaal nu het proces van stap 6 & 7 voor de flap aan de achterkant van je kaft, tot
in totaal 5cm hoogte.
10. Eindig de laatste 3 toeren met alleen rechte steken, en kant af met de methode naar
eigen keuze.